Net onder Poperinge, in het hart van Vlaanderen, maar sinds langs onder Franse heerschappij, ligt het dorpje Boeschepe. Er zijn in de buurt meer schilderachtige plekken te vinden, maar lelijk is het Boeschepe zeker niet. Het dorp ontkwam aan de wreedheden van de Eerste Wereldoorlog, waardoor ook de plaatselijke Sint-Martinuskerk vrij ongeschonden bewaard bleef, en niet werd vervangen door een exemplaar uit de jaren twintig dat meer herinnert aan een zwembad dan aan een oord van gebed.

De Sint-Martinuskerk was echter een decennium voor de oorlog het toneel van afschuwelijke taferelen, die leidden tot de dood van Géry Ghysel, wiens gedenksteen tot op heden werd bewaard op het dorpskerkhof.

Ghysel

Op 6 maart 1906 trok een gerechtsdeurwaarder, vergezeld van zijn zoon, enkele personeelsleden en een stel gendarmes naar de kerk van Boeschepe. Hun opdracht was uitvoering te geven aan een van de maatregelen van de papenvretende regering van de liberaal Maurice Rouvier. Rouvier zag zichzelf als een redelijk man, die de conflicten niet op de spits wilde drijven, maar de Kerk haar gerechte plaats wenste te tonen: onder stevig toezicht van de échte macht. Iets zegt me dat hij zich in het gezelschap van een aantal hedendaagse beleidslieden goed zou hebben thuis gevoeld.

Een van de redelijke maatregelen die Rouvier gerealiseerd wilde zien, was het opstellen van een inventaris van de inboedels van de kerken. Een paar verhalen over een kostbare kelk die door een afscheidnemende parochiepastoor was meegenomen volstonden om het parlement van de absolute noodzakelijkheid van die maatregel te overtuigen. Steekvlamwetgeving is geen uitvinding van onze eeuw.

Dat de inventarissen op zo’n verzet zouden stuiten, had geen verlicht commentator zien aankomen. Allicht was het de heren commentatoren ontgaan dat de grootouders van de gelovigen uit 1906 iets dergelijks hadden meegemaakt, zo rond 1790. Inventarissen waren toen een opmaat geweest naar naasting en sluiting van de kerken – maar natuurlijk ontkende iedereen dat het nu zo’n vaart moest lopen.

Dat vertrouwen in de overheid van de Franse republiek van evenveel wijsheid getuigt als onderhandelen met een hongerige hyena, wisten de gelovigen maar al te goed. In elke parochie gaven vrijwilligers hun naam op om de kerken te bewaken, en waar er onvoldoende vrijwilligers waren, stuurde de Action Française wel een paar studenten uit een van de grote steden.

In Boeschepe waren zo’n vrijwilligers niet nodig. Toen de deurwaarder er op die fatale dag in de winter van 1906 aankwam, hadden ettelijke tientallen dorpsbewoners zich verschanst in de kerk en de tuin errond. Het was voor de vertegenwoordigers van Marianne een onaangename verrassing om de inventaris te moeten uitvoeren in een gevulde kerk, en te stoten op een formele weigering van de pastoor om op enige wijze mee te werken.

Het uitdagende gedrag van de deurwaarder leidde al spoedig tot incidenten, die onvermijdelijk uit de hand riepen. Toen een kerkstoel door de lucht vloog, verloor de zoon van de deurwaarder zijn koelbloedigheid, en vuurde hij met een pistool in de massa. Géry Ghysel, een landarbeider en jonge vader, werd dodelijk getroffen. De pastoor, die de gemoederen probeerde te bedaren, werd gewond.

Meteen kwam de geruchtenmolen in actie. Ghysel zou een dronkaard zijn geweest, die de deurwaarder had bedreigd, er zou sprake zijn van wettige zelfverdediging. Het mocht niet baten, zeker niet toen op 26 maart een tweede bewaker van een kerk, André Régis uit Montregard in de Haute-Loire, overleed. De regering-Rouvier mocht haar biezen pakken, en katholiek Frankrijk had getoond nog niet dood te zijn – dank zij het offer van een Vlaamse landman.

In de jaren twintig van vorige eeuw werd het monument voor Géry Ghysel, dat eraan herinnerde dat hij stierf toen hij de rovers uit de tempel probeerde te verjagen, verwijderd in naam van de nationale verzoening, en om het kwetsen van eenieders gevoelens te vermijden. Even later werd het opnieuw geplaatst, ditmaal op het kerkhof, waar het een prominente plaats kreeg.

Gedenk morgen Géry Ghysel, en laat niet na even te stoppen bij het kerkhof van Boeschepe als u in de buurt bent. Rovers in tempels zijn van alle eeuwen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s