Gelukkig zijn de gebruikers van onze autosnelwegen. Ongeacht het tempo dat zij aanhouden, gestadig aanschuivend of vlot zoevend, kunnen zij genieten van een uitzicht op natuurlijk of cultureel patrimonium. Op enkele tientallen meter van de pechstrook ligt een oud landhuis; elders wordt een bos dat slechts een jachtterrein was voor nutteloze edelen doorsneden door de weg van de toekomst, die niet toevallig een E in zijn naam draagt.

Over de achttiende Lord Willoughby de Broke, overleden in 1923, schreef een weinig empathisch en zeer zelfingenomen historicus ooit: “He had quite a gift for writing, thought clearly, and was not more than two hundred years behind his time.” Zijn schrijftalent blijkt onder meer uit Willoughby’s herinneringen, die kort na zijn overlijden verschenen onder de titel The Passing Years. Daar beschrijft hij hoe in zijn jeugdjaren, in het laatste derde van de negentiende eeuw, elk landgoed een eigen bier maakte, dat herkenbaar anders smaakte dan het product van het volgende domein.

Net zoals landgoederen de geografie van de Britse smaak vorm hebben gegeven, gaven zij vorm aan de landschappen van zowat geheel Europa. Dreven en oprijlanen waren ook in onze landen de in- en uitleidingen van de dorpskernen.

In de jaren zestig, zeventig en tachtig, toen in onze kerken de tweede beeldenstorm woedde, vonden een aantal meesters van de vooruitgang het blijkbaar zinvol om snelwegen te trekken door dit soort historische landschappen. Wie houdt van samenzweringstheorieën, zoekt hier misschien een symbolische wraakoefening achter van een nieuwe op een oude elite. Er is echter een meer eenvoudige verklaring te bedenken. Net zoals iedereen die zichzelf niet welbewust in toom houdt, waren deze lieden slachtoffer van de aangeboren historische myopie van de mens, die geneigd is de geschiedenis te doen beginnen bij de eigen geboorte, en ervan uitgaat dat al wat aan die datum voorafgaat, per hypothese werd achterhaald door de zin der geschiedenis. Waartoe diende een landhuis nog ? Wie gaf nog om de jacht ?

Anderhalve eeuw voordien, kort na de slag bij Waterloo, leidde een variant van diezelfde myopie tot vergelijkbare resultaten. Toen lieten eigenaars van kastelen, die onder het Franse bewind hadden leeggestaan en vervallen waren, hun eigendommen afbreken. De oude tijden kwamen toch niet meer terug, waartoe diende het dan die oude relicten te bewaren ?

En zo is in twee golven ingehakt op het statige patrimonium dat ons platteland vorm gaf: de eerste keer uit een gebrek aan vertrouwen, de tweede keer door een teveel aan zelfvertrouwen, maar telkens door een onverantwoord groot geloof in de zin van de geschiedenis.

O ja, kort voor zijn overlijden verkocht Lord Willoughby zijn landhuis aan een ondernemer uit de buurt. Vandaag is het een museum waarin private kunstcollecties worden tentoongesteld, in het hart van ruraal Engeland. Compton Verney geeft Warwickshire vorm, tot op vandaag.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s